Gemeenteberichten (4)

0
54

Materialenmarktplaats: ‘afval’ van de één is grondstof voor de ander

Met het project ‘Materialenmarktplaats’ willen de Thematafel Circulaire Economie en Energietransitie van Regio De Achterhoek, Ondernemerskring Winterswijk (OWIN) en de gemeente Winterswijk hergebruik van bouwmaterialen bevorderen. Dit duurzaamheidsproject start met een inventarisatie van afval, reststromen en restcapaciteit van bedrijven op bedrijventerrein Vèèneslat-Noord en Vèèneslat-Zuid en Misterweg in Winterswijk.

Afval is grondstof
Afval van het ene bedrijf, kan een grondstof voor een ander bedrijf zijn. Het doel van de Materialenmarktplaats is om vraag en aanbod van grondstoffen bij elkaar te brengen. “We willen via de Materialenmarktplaats beschikbare machinecapaciteiten en reststromen delen”, aldus Willy Smit van Thematafel Circulaire Economie en Energietransitie van Regio De Achterhoek. “Op deze wijze kunnen we lokaal verspilling voorkomen en betere benutting van goederen en middelen bevorderen.” Initiatiefnemer OWIN is van plan deze Materialenmarktplaats samen met Kringloop-Aktief/Rouwmaat Recycling op te zetten in de gemeenten Winterswijk en Oost Gelre.

Circulaire economie
De Materialenmarktplaats draagt bij aan de transitie naar een circulaire economie, waarbij reststoffen weer opnieuw worden gebruikt en zuinig wordt omgegaan met energie. “Dit is een prachtig initiatief! Het verbindt vraag en aanbod van grondstoffen met elkaar en draagt op deze wijze concreet bij aan een economisch vitale en duurzame samenleving.” zegt wethouder Tineke Zomer van gemeente Winterswijk.

Initiatief en uitvoering
Maud Schut (17) en Noelle de Jong (17) zijn twee studenten uit het eindexamenjaar van het Gerrit Komrij College. Zij nemen tussen 29 mei en 21 juni interviews af bij de bedrijven om zo te inventariseren of bedrijven mee willen doen aan de Materialenmarktplaats. Beide studenten zijn tijdens hun laatste schoolperiode betrokken geweest bij het verduurzamen van onze regio. Maud heeft met haar profielwerkstuk zelfs de eerste prijs gewonnen in een landelijke wedstrijd voor profielwerkstukken. Daarnaast zijn zij ook betrokken bij de Energietafel Winterswijk en bij het OWIN project Winterswijk Onderneemt Duurzaam.

Dit is een gezamenlijk persbericht namens 8RHK Ambassadeurs, Gemeente Winterswijk, OWIN en HAN.

Nachtleven zoogdieren in beeld

Project ‘Wildcamera – zoogdieren in de achtertuin’ in Winterswijk

De eerste wildcamera is vrijdag 24 mei geplaatst in de tuin van wethouder Tineke Zomer. De gemeente Winterswijk brengt met het project ‘Wildcamera – zoogdieren in de achtertuin’ de bijzondere stad-en plattelandsbewoners in beeld.

Nacht-actieve wilde dieren zoals egels komen in Nederland geregeld in de directe omgeving van mensen voor. Door hun nachtleven worden ze maar zelden gezien. Sinds 2016 loopt het landelijke burgerwetenschapsproject ‘Wildcamera – zoogdieren in de achtertuin’. Met wildcamera’s wordt onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van wilde zoogdieren in tuinen en op erven van particulieren. Want wie wil er nou niet weten wat er ’s nachts allemaal door de tuin rondscharrelt?

Landelijke burgerwetenschapsproject in Winterswijk
Vanaf mei is het landelijke burgerwetenschapsproject ‘Wildcamera – zoogdieren in de achtertuin’ gestart in onze gemeente. Naar aanleiding van een oproep hebben 40 tuinbezitters zich aangemeld om deel te nemen aan dit burgerwetenschapsproject. Samen met een groep vrijwilligers en de deelnemende tuinen wordt het Winterswijkse ‘nachtleven’ in beeld gebracht.

Wildcamera in tuin van wethouder
In de tuin van wethouder Tineke Zomer is de eerste wildcamera geplaatst. “Echt een mooi initiatief om samen met de burgers dit zo op te pakken. Zo word ik ook bewust welke dieren er ’s nachts rondlopen in mijn tuin. Ik ben echt benieuwd welke dieren in beeld komen”, vertelt wethouder Zomer. “Zo kun je inspelen hoe je je tuin eventueel gaat herinrichten. Bijvoorbeeld minder stenen, afgevallen blad laten liggen zodat de nachtdieren voedsel kunnen vinden”, legt ze uit.

Wildcamera in tuin van wethouder Tineke Zomer

In eigen tuin onderzoek doen
Het onderzoek wordt uitgevoerd in de eigen tuin met behulp van een geleende wildcamera. Een lokale vrijwilliger van het project plaatst de camera in de tuin. Met de uitkomsten van het project heeft de gemeente een inzicht welke soorten waar voorkomen en welke maatregelen tuinbezitters en de gemeente kunnen nemen om de leefomgeving diervriendelijke te maken.

Deelname door 20 gemeenten
De lijst van aan het project deelnemende gemeenten wordt steeds langer. De teller staat momenteel op 20 gemeenten waaronder ook Rotterdam, Den Haag en Delft. In heel Nederland zijn al honderden tuinen onderzocht volgens hetzelfde onderzoeksprotocol. Zelfs in het buitenland worden inmiddels de eerste tuinen onderzocht. Dit levert een schat aan informatie op omdat zoogdieren doorgaans schuw en nachtactief zijn en daardoor lastig zijn te onderzoeken. De verwachting is dat wilde dieren in de toekomst steeds afhankelijker worden van stedelijk groen. Particuliere tuinen zijn daarom een belangrijk onderdeel van het project.

Resultaten
De beelden gemaakt door de wildcamera’s bieden gegevens over het nachtleven van zoogdieren. Met deze informatie kan ingespeeld worden op het voorkomen en de verspreiding van wilde dieren in tuinen. De eerste resultaten worden over een jaar verwacht. Tijdens een presentatie worden deze gegevens gedeeld met de inwoners.

Het burgerwetenschapsproject ‘WILDCAMERA – zoogdieren in de achtertuin’ is een initiatief van de Zoogdiervereniging, Wageningen University & Research, Natuurpunt (BE) en Ecologisch Adviesbureau Silvavir.

Regionaal Programmering Werklocaties Achterhoek 2019-2023 wordt voorgelegd aan 7 gemeenteraden in de Achterhoek.

Op 21 mei jongstleden hebben colleges van de 7 gemeenten van de Achterhoek (Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Oost Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk) het rapport Regionaal Programma Werklocaties (RPW) vastgesteld. Onderdeel van dit besluit is om het rapport aan te bieden aan de zeven gemeenteraden.
Om de economische impuls voor de regio vast te houden en de groei van het aantal arbeidsplaatsen te blijven stimuleren is het nodig om bedrijven te faciliteren in hun groeipotentie. Met het vaststellen van het RPW Achterhoek wordt bepaald waar hectares aan bedrijventerrein in de Achterhoek noodzakelijk zijn om lokale en regionale bedrijven te faciliteren. Het RPW Achterhoek is voor gemeenten – die vanwege aanvullende ruimtevragen dringend behoefte hebben aan de uitbreiding van hun areaal aan bedrijventerrein – een belangrijke onderbouwing bij ruimtelijke procedures.
De provincie Gelderland is mede-opdrachtgever voor het RPW-onderzoek en heeft een bijdrage geleverd aan de uitwerking. Nadat de Achterhoekse raden het RPW hebben vastgesteld, wordt het aan de provincie aangeboden.

Plan van aanpak voor ontwikkeling van bedrijventerreinen in Winterswijk

Het college van burgemeester en wethouders geeft opdracht voor ontwikkeling van toekomstbestendige bedrijventerreinen. Na een voorbereiding met grondig onderzoek, lokaal en regionaal overleg, gaan de gemeente over tot realisatie. Hoofddoel is het realiseren van voldoende beschikbare werklocaties met de juiste kwaliteit, passend bij onze lokale economische ontwikkeling. Het plan van aanpak bestaat uit meerdere onderdelen. Volgens wethouder Klein Gunnewiek moet er in elk geval zo snel mogelijk nieuwe bedrijventerreinen bij komen: “We laten hiervoor op korte termijn een locatieonderzoek uitvoeren, zodat we komen tot een zorgvuldige locatiekeuze.”

Meerdere bedrijven aan de Misterweg hebben een aanzienlijke ruimtevraag. Daarbij spelen vraagstukken op het gebied van infrastructuur, duurzaamheid en ecologie. “Door te werken vanuit een gebiedsvisie gaan we deze vraagstukken in samenhang oplossen.”, zegt wethouder Klein Gunnewiek. Voor de gemeente is het belangrijk dat de bestaande bedrijventerreinen ook in de toekomst aantrekkelijk blijven. Hoe efficiënter deze bedrijventerreinen worden benut, hoe minder nieuwe terreinen er uiteindelijk nodig zijn. Om dit proces te stimuleren start de gemeente een stedelijke herverkaveling op de bedrijventerreinen op.

“Stel je voor dat drie bij elkaar gelegen bedrijven alle drie krap op hun bedrijfskavel zitten. Dan kan verplaatsing van één bedrijf groeiruimte bieden aan één of twee van de naastgelegen bedrijven. Zowel bij nieuwbouw van het ene bedrijf als bij uitbreiding van de andere geeft dat goede kansen voor verduurzaming. Een bedrijf zal ook eerder kiezen voor verplaatsing als er zekerheid is over de verkoop het huidige pand. Deze processen willen we stimuleren”, aldus wethouder Klein Gunnewiek.